Adriaan de Man ontmoet Jacco Vonhof (Novon)
De maatschappelijke betrokkenheid van een snelle groeier.
Tijdens de Masterclass Fast Growth ontmoeten Jacco Vonhoff en Adriaan de Man elkaar voor het eerst. De een als deelnemer, de ander als programmamaker bij de Baak. Het klikt meteen en Jacco Vonhoff nodigt Adriaan de Man uit om langs te komen in theater De Spiegel in Zwolle waar hij zitting heeft in de Raad van Toezicht. Om verder te praten over de onderwerpen die hen gezamenlijk bezighouden: Entrepreneurship, snelle groei en Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. Voor het volledige interview zie tab ontmoeting.
|
Adriaan de Man
Programmamaker, de Baak
Programmamaker bij de Baak, thema’s: entrepreneurship, intrapreneurship en trends en ontwikkelingen in de kenniseconomie. Adriaan wordt getriggerd door vooral (technologische) ontwikkelingen en wat die betekenen voor mensen, organisaties en de maatschappij.
|
Jacco Vonhoff
Directeur-eigenaar, Novon
Ooit begonnen als glazenwasser met een aftandse Renault en een ladder. Nu leidt Jacco Vonhoff zijn eigen schoonmaakbedrijf en is hij een van de meest opmerkelijke ondernemers in Zwolle. Een ondernemer met een duidelijke visie op het schoonmaakvak.
|
Adriaan de Man: “Waarom ben je zelf ooit ondernemer geworden?”
Jacco Vonhoff: “Dat impliceert een bewuste keuze en dat was het niet. Mijn studie Rechten heb ik niet afgemaakt. Ook werd ik niet erg gelukkig van de baantjes die ik daarna had. In die tijd riep ik vaak: ‘ik ga nog eens iets voor mezelf doen’. Maar een beeld had ik daar nog niet bij. Toen zei mijn vriendin op een dag: ik heb dat gezeur van jou lang genoeg gehoord. Je moet het maar eens een keer gaan doen. Dus kocht ik een ladder en ben ik ramen gaan wassen. Voor mij was glazenwasser het allermooiste beroep van de wereld. Zeker in de zomer! Koestraat, driehoog, allemaal flanerende vrouwen in korte rokjes. Het kan slechter...
Maar dan wordt het winter en is het niet zo leuk meer. Zo ontstond het idee om ook eens wat schoonmaakklusjes binnen te krijgen. Maar een vastomlijnd beeld had ik er nog niet bij.”
Adriaan de Man: “Hoe zag je ondernemersplan eruit?”
Jacco Vonhoff: “ Dat had ik niet. Ik deed in die tijd maar wat. Dat ik in de schoonmaak terecht ben gekomen, is omdat ik het toevallig al deed. Maar marketingcommunicatie? Acquisitie? Daar had ik geen verstand van. Ik ben in die beginjaren ook een aantal flink op mijn muil gegaan.
Toen we een jaar of zes, zeven bestonden draaiden we uitstekend. Aan de voorkant tenminste. Mijn omzet ging met sprongen vooruit, maar aan de achterkant ging er veel meer uit. Dat had ik niet in de gaten. In die tijd kon ik slecht ‘nee’-zeggen. Dus als iemand zijn enkelbanden scheurde, mocht hij gewoon op kantoor verder werken. Als planner. Op een gegeven moment had werkten er vijftig mensen op kantoor en vijftig buiten. Wat die mensen allemaal deden, wist ik niet. Toen kwam de fiscus met een enorme aanslag en belde de bank met de mededeling dat de lonen niet meer konden worden overgemaakt. Dat ging dus mis. Gelukkig zag de bank wel potentie in mij, dus die hebben een vent op me gezet. Meneer van der Veen. Vergeet ik nooit meer. Die heeft een half jaar lang naast me gezeten. Net zolang tot de organisatie weer op orde was. Het was geen leuke tijd, met al die slecht nieuwsgesprekken. Ik heb zelfs mijn beste vriend moeten ontslaan.
Wat ik daarvan geleerd heb? A, ik kan blijven staan. B, ik ben in staat om af en toe vervelende maatregelen te nemen. En C, vanaf dat moment is er niemand binnen het bedrijf die mij beter kan vertellen hoe het gaat met mijn cijfers. Het eerste mailtje wat ik elke ochtend krijg is de bankstand. Het is een Amerikaanse wijsheid: als je er niet kapot aan gaat, word je er sterker van.”
Adriaan de Man: “Is dat volgens jou dé manier om ondernemer te worden? In de praktijk, met vallen en opstaan?”
Jacco Vonhoff: “Ik denk niet dat er één manier is om ondernemer te worden. Je hebt bewuste ondernemers. Maar ook kennisondernemers – mensen met een voorsprong. Er is een aantal ondernemers wat met de rug tegen de muur staat. Die werkloos raken of geen zich hebben op ander werk.
Wél denk ik dat je over een aantal kerncompetenties moet beschikken. Misschien niet het hele pallet – er is op de wereld een kleine groep die dat wel heeft, dat zijn de fantastische voorbeelden die we allemaal wel kennen. Je moet in staat zijn om je eigenschappen zo in te zetten dat die je een voorsprong geven op anderen. In mijn geval gaat het om mensenkennis, verbaal vaardig zijn, contactueel goed, kansen zien. Ik ben helemaal niet goed in Sales en ik ben geen manager. Maar ik ken ook ondernemers die financieel juist weer heel goed zijn. Die hebben bijvoorbeeld het empathisch vermogen van een garnaal. Heel andere types, maar ook heel goede ondernemers.
Je moet ook niet proberen om je eigen zwakte te compenseren. Je moet in je kracht zitten! Waar je goed in bent, moet je beter in worden. En waar je niet goed in bent moet je gewoon laten voor wat het is. Zoek maar andere mensen die dat stukje voor je invullen.”
Adriaan de Man: “Hoe ver ga je daarin?”
Jacco Vonhoff: “Heel ver. Dat kan ook, maar je moet er wel de juiste mensen bij zoeken. Ook dat heb ik geleerd. In het begin delegeerde ik hele pakketten werk aan mensen die altijd net even minder waren dan ik zelf. Dat betekende dat ze 80% van hun werk prima deden. Maar de 20% van het werk waar zij niet uitkwamen konden ze niets anders mee dan weer omhoog. Dus ik gaf 100% van het werk weg en kreeg 20% van de meuk terug. Mijn bureau lag vol met al die meuk. Toen dacht ik: dan moet je dus mensen hebben die beter zijn dan jijzelf. In die tijd heb ik een Algemeen Directeur aangesteld. Dat lijkt een hele stap, want je geeft toch een deel van je macht weg. Maar in de praktijk werkt het prima, mits je de rollen duidelijk definieert. Zo ligt het operationeel leiderschap van Novon in handen van mijn Algemeen Directeur. Hij wijst taken toe, zet mensen op de juiste plek en zet de koers uit.
Ik zweef daarboven, met een leidschap van gedachten en ideeën. Macht is voor mij geen issue. In veel gevallen heeft ‘macht’ de betekenis van je zin doordrijven. Beslissingen doorduwen. Als je je macht moet gebruiken ben je eigenlijk het proces aan het ondermijnen wat zelf aan het opzetten bent.”
Adriaan de Man: “Wat ik bij meer snelle groeiers hoor is dat jouw ambitie op een gegeven moment niet dezelfde is als de ambitie van de ondermening. Dat je dus letterlijk de navelstreng losknipt van jou en je bedrijf.”
Jacco Vonhoff: “Dat klopt. Heel lang is Novon B.V. hetzelfde geweest als Jacco Vonhof. Eén adem, één entiteit. Op een gegeven moment merk je dat Novon BV en Jacco Vonhof BV een beetje uit elkaar gaan lopen, maar nog wel heel sterk aan elkaar hangen.
En dan krijg je het elastiek. Dan gaat je bedrijf een bepaalde kant op en heb je daar zelf moeite mee. En dan ontwikkel je jezelf weer op bepaalde punten. Dan ga je harder lopen op de punten waarin je goed bent. Maar dan loop je misschien weer bij je bedrijf weg. Zo ontstaat er spanning. Zolang het lijntje niet knapt, is dat gezonde spanning. Want je trekt elkaar mee of je houdt elkaar met beide voeten op de grond.”
Adriaan de Man: “Wat heb je aan de Masterclass Fast Growth gehad?”
Jacco Vonhoff: “De belangrijkste winst vind ik dat je met gelijkgestemden dingen kunt bespreken die je zelfs thuis niet bespreekt. Hard groeien, snel gaan, het is nu allemaal een mooi verhaal omdat het lukt. Maar met grote regelmaat kom je voor de vraag: wat nu als het niet lukt? Alles wat ik als ondernemer weet, heb ik geleerd van mezelf. Door met mensen te praten en te kijken. Spiegelen, overnemen, afpakken. Maar waar je nu echt staat, weet je nooit precies. In de Masterclass zaten allemaal mensen met dat gevoel. Met dezelfde vragen. Dat vond ik super.
Op de inhoud heb ik het meest gehad aan de dingen die Jan Vis (module financieren van groei) vertelde. Hij heeft in een dag mijn hele perceptie van mijn balans en grootboekrekening omgegooid. We gingen het daar opeens hebben over vreemd vermogen. Over private equity. Dingen waarvan ik dacht dat het alleen in de grote wereld speelde en niet in mijn Mickey Mouse-wereldje. Eén van de deelnemers had al een investeerder. Een equityclub met een exitstrategie. Ik heb mijn groei altijd autonoom gefinancierd. Volledig out-of-pocket. Alles wat ik had heb ik gewoon teruggestopt in het bedrijf. En op een gegeven moment wordt dat ook de snelheid waarmee je bedrijf groeit. Harder kan gewoon niet, want je hebt gewoon niet meer.”
Adriaan de Man: “Je hebt van Novon een bijzonder bedrijf gemaakt dat maatschappelijk verantwoord ondernemen hoog in het vaandel heeft. Zeker in vergelijking met andere schoonmaakbedrijven. Je geeft medewerkers een kans die ze bij andere bedrijven niet krijgen. Wanneer medewerkers een BKR-registratie op hun naam hebben, help jij ze om hun financiële zaken weer op orde te krijgen. Ook neem je mensen in dienst die een tijdje in de gevangenis hebben gezeten. In Nederland wordt vaak gezegd dat we mensen een tweede kans moeten geven, maar ik zie maar weinig dat dat daadwerkelijk gebeurt.”
Jacco Vonhoff: “Op de eerste plaats: íedere ondernemer is maatschappelijk betrokken bezig. (Maatschappelijk Betrokken Ondernemen vind ik trouwens beter dan Maatschappelijk verantwoord Ondernemen...) Van ondernemers wordt van alles gezegd, maar ze zorgen wel even mooi dat er werk is in een regio. Zo’n ondernemer steekt tijd en energie in zijn netwerkclubs, in het voorzitterschap van de voetbalvereniging. Mensen doen nogal niet wat.
Verder heb ik een tijdje geleden de film van Al Gore gezien. Dat grijpt je naar je strot, zeker als je zelf kindjes hebt. Je doucht misschien een paar minuten minder en dat is het wel. De volgende mogen ga je op dezelfde voet verder.
Volgens mij zit het ‘m niet op dat macroniveau. Je moet de vertaalslag maken: wat kan ik zelf doen?
Met de gevangenis hier in Zwolle hebben wij een overeenkomst over het opleiden van meisjes en vrouwen die vastzitten voor met name drugssmokkel. Dat zijn mensen die één keer een verkeerde keuze hebben gemaakt. Een van de dingen die ze daar kunnen leren is schoonmaken. Door een baangarantie te geven, weten ze waar ze het voor doen. Dat motiveert enorm.
Natuurlijk zijn er ook bedrijven naar mij toegekomen – klanten – die geen ‘criminelen’ in hun gebouwen willen hebben. Dan zeg ik: ik geloof in een samenleving waarin we één keer straffen. Ik wil zelf ook niet twee keer gestraft worden. In zo’n wereld wil ik niet leven. Bovendien: dit zijn mensen die gepakt zijn. Wat zegt dat over ze? Dat het géén goede criminelen zijn! Goeie criminelen worden niet gepakt. En die werken óók bij jou.
Voor zo iemand iets doet wat niet door de beugel kan, denkt hij of zij echt wel tien keer na. Deze mensen weten dat er op ze gelet wordt. Door mij, maar ook door de klant. Maar het is ook een commerciële kwestie. Ik heb er uitstekende schoonmakers aan.”