Jackie Bekouw: “Dat speelse jongens-die-niet-groot-willen-worden-imago dat altijd aan Lost Boys kleefde, is dat er eigenlijk nog wel, nu het een serieuze onderneming is geworden, dat elk kwartaal zijn cijfers moet publiceren, en doorwrochte prognoses over de toekomst moet geven?”
Jalbert Kuijper: “Ja, dat is er nog, die merkwaarde leeft nog heel erg, maar ik begrijp waar je op doelt. Je moet wel beseffen dat de wereld inmiddels is veranderd, en het bedrijf dus is mee veranderd. Ook moet je je bedrijfseconomische doelstellingen heel goed scheiden van je emotionele en creatieve doelstellingen. Als je dat niet doet, krijg je óf een bedrijf dat heel sexy is, dus een heel mooi merk, dat niet goed draait, of andersom. We zijn een fantastisch bedrijf, doen alles door elkaar heen, werken aan de meest sexy projecten, er is volop ruimte voor nieuwe ideeën, maar we letten er ondertussen wel op dat we ook geld verdienen. We zijn nu onderdeel van LBi Icon, een dienstverlenende organisatie op het gebied van digitale, interactieve communicatie, met een beursfonds erachter dat opereert in 15 landen.”
Jackie Bekouw: “Maar hoe match je dat nu, eenbeursgenoteerde onderneming en allemaal gepassioneerde, creatieve mensen die er werken?”
Jalbert Kuijper: “Als je het goed managed is het allemaal niet zo ingewikkeld. Creatieven hebben een broertje dood aan regeltjes en formaliteiten, daarom is het juist de uitdaging zaken zo goed mogelijk voor ze te regelen, dan ondervinden ze er ook zo min mogelijk hinder van. Het enige dat ze ervan merken is de urenregistratie, we zijn wat dat betreft niet charmanter dan KPN of KPMG. Verder is maar een heel kleine laag binnen ons bedrijf bezig met financiën, rapportages, optimalisatie en zo wat meer.”
Jackie Bekouw: “Maar toch, de beurs verwacht rendement, de mensen willen mooie gekke dingen maken...”
Jalbert Kuijper: “Creatieven moet je in principe niet teveel confronteren met de bedrijfseconomische kant van de zaak, maar die moeten ze wel beseffen. Deze discussie moet je niet elke dag voeren, maar die moeten ze beleven. Voorhouden dat ze het meest waardevol zijn als ze doen waar ze goed in zijn. Dat doe je door mensen een spiegel voor te houden, zichzelf te laten bekijken en zich te laten realiseren dat wat ze willen allemaal in henzelf zit.
Jackie Bekouw: “Met als resultaat?”
Jalbert Kuijper: “Dat ze dicht bij zichzelf blijven, beter in hun vel zitten, doen waar ze goed in zijn, en dus beter gaan presteren, en positief zijn naar hun directe werkomgeving.”
Jackie Bekouw: “Hoe zorg je ervoor dat mensen de zekerheid voelen dat ze de ruimte krijgen om afstand te nemen?
Jalbert Kuijper: “We realiseren dit door enerzijds klantteams te formeren (WORK), en anderzijds competentieteams (HOME): verschillende functies die dezelfde passies delen. Door in verschillende teamverbanden te werken ervaren mensen dat je niet meer dan je best kunt doen, maar wel het beste in elkaar los kunt maken. Daarbij geven we mensen volop beslissingsbevoegdheid. Met controle van bovenaf leg je een organisatie helemaal plat, uiteindelijk stagneert alle besluitvorming dan bovenin. Als je meer mensen verantwoordelijk maakt, wordt er ook meer besloten. Zorg dat je daar goede processen voor hebt. Een bedrijf leiden doe ik dan ook van een afstand, het is het faciliteren van een podium, er niet zelf bovenop gaan zitten.”
Jackie Bekouw: “Maar stuit je in de jacht naar nieuwe opdrachten niet voortdurend op bedrijven die niet passen bij de cultuur van jullie bedrijf, en daar dus een negatieve invloed op kunnen hebben?
Jalbert Kuijper: “In algemene zin geldt: ‘handel drijft’, de type klussen die je binnenhaalt bepalen uiteindelijk de cultuur van je bedrijf, zeker in de dienstverlenende industrie. Maar als je iets goed kunt uitleggen, is het helemaal niet erg om bepaalde projecten te doen die op het oog minder interessant lijken.
Grappig is dat de creatieve industrie het liefst voor de creatieve industrie werkt, terwijl het juist het moeilijkste is en bovendien de minste waardering oplevert.
Jackie Bekouw: “Creatieve ondernemingen moeten tegenwoordig steeds meer rekening houden met het rendement van hun producten; wat levert het de opdrachtgever uiteindelijk op? Hoe ga je om met die eisen van accountability?”
Jalbert Kuijper: “Klopt, vroeger ontwikkelde je een billboardcampagne, en de graadmeter was of de klant het zelf mooi vond, en of je eigen inner circle enthousiast was. In onze online-markt wordt alles voortdurend gemeten, is alles ook meetbaar, en dat betekent soms dat de leuke banner niet werkt, maar de minder leuke juist wel. Maar dat is nu net de uitdaging: de combinatie te vinden van én accountable, én leuk, creatief. Ook al is de behoefte aan accountability groot, dan wil dat nog niet zeggen dat je geen glimlach meer op je gezicht mag krijgen. Ons bestaansrecht zit in het feit dat we zowel design en marketing als technologie in huis hebben; die combinatie van design en technologie is heel mooi en vernieuwend; bijvoorbeeld hoe je als designer met navigatiemanieren om kan gaan.”
Jackie Bekouw: “Hoe onderscheiden jullie je als bureau?”
Jalbert Kuijper: “Doordat we enerzijds goed en degelijk werk maken, en anderzijds creatief en innovatief te werk gaan. Het ontwikkelen van platformen en corporate sites is voor ons een andere discipline dan campagnecommunicatie, die vaak de meeste aandacht krijgt en speels mag zijn. Maar als je als bedrijf je leads daarna gaat converteren en ze als klant wilt behouden, dan moet je gewoon strak en efficiënt communiceren. De klant zit er in dat stadium echt niet op te wachten dat je frivool doet of continu grappen maakt. Kijk naar wat we voor de KLM doen; we hebben hele leuke, spraakmakende campagnes ontwikkeld, maar als mensen eenmaal een ticket willen kopen, dan moet dat zo snel en zo simpel mogelijk gebeuren.”
Jackie Bekouw: “Ten slotte, hoe ziet Lost Boys er over 10 jaar uit?”
Jalbert Kuijper: “Moeilijk te zeggen. We zullen ongetwijfeld zijn gegroeid. We zitten nu in Nederland met 170 mensen en met 1.500 man wereldwijd. Het beste voor creativiteit is dat we blijven werken in celstructuren; dan kun je makkelijk doorgroeien zonder dat de creativiteit in het nauw komt.”